Strip Turnhout


Automotiv (Ever Meulen)

Al toen hij jong was, wilde hij kunnen tekenen als Jean Graton en Jidéhem. In zijn ouderlijk huis in Kuurne hing hij ver uit het venster als hij nog maar dacht te horen dat een van de plaatselijke textielbaron zich aankondigde met het brommende lawaai van de motor van zijn Amerikaanse slee. En hij knutselt zelf ook al jaren aan een oude Oldsmobile. Zoveel mag duidelijk zijn: Ever Meulen, een van de grootste Belgische illustratoren, is bezeten van vierwielers.

In ‘Automotiv’, zijn eerste grote boek in zeven jaar, verzamelt Ever Meulen (een pseudoniem van Eddy Vermeulen) zijn beste autotekeningen. Zijn heel prille jeugdwerk (uit de tijd dat het nog zijn grootste ambitie was om later Jean Graton te worden) staat er naast illustraties voor Humo en covers voor The New Yorker. Soms zijn de auto’s slechts het sierlijke decor voor een tekening van een of andere muziekgrootheid, op andere momenten zijn ze het enige onderwerp. Maar steeds zijn de tekeningen een bewijs van sierlijkheid en meesterschap. Wie die boek openslaat, begrijpt meteen waarom de man in januari 2013 de Henry Van de Velde Award kreeg voor zijn tekeningen. (TH)

Ever Meulen

‘Automotiv’, Oog&Blik/De Bezige Bij, 176 blz., €49,90.

*****

25 March 2014, 17:10 admin

The Making of Agent 327: de vrouwen van… (Stef Habraken)

Het Geweten van Nederland wordt hij genoemd. Of ook: het Bataafse antwoord op James Bond. Agent 327 is een geheim agent die rood, wit en blauw (en ook oranje) hoog in het vaandel voert. De strip wordt als sinds zijn ontstaan in 1966 geschreven en getekend door Martin Lodewijk, en dit boek is het derde deel in de reeks ‘The Making of Agent 327’, waarin het ontstaan en de evolutie van de reeks uit de doeken wordt gedaan. Dit keer wordt de aandacht toegespitst op het vrouwelijk schoon dat de agent omringt. Nog iets dat de man gemeen heeft met James Bond, al gaat hij er wel anders mee om.

Het is voor Lodewijk aanleiding om in een interview met Stef Habraken te vertellen over zijn inspiratiebronnen, die vooral in de wereld van de film en de strip blijken te liggen. Van Diana Rigg tot Jeanne Moreau, ze passeren allemaal de revue. Het interview is interessant (onder meer over ’s mans carrière als chansonnier leren we wat), en leest erg prettig – ondanks overlappingen met de vorige twee delen. Het is uiteindelijk wel niet meer dan een flink uit de kluiten gewassen tijdschriftartikel, dat door uitbundig (en vaak mooi, dat moet gezegd) illustratiemateriaal is uitgerokken tot een boek. Een beetje meer had gemogen. (ZS)

Stef Habraken

‘The Making of Agent 327: de vrouwen van…’, Uitgeverij L, 48 blz., €19,95.

***

25 March 2014, 16:46 admin

Boeven op de kermis (Franquin & Jidéhem)

Integrales zijn vaak gewoon een hulpmiddel om klassieke titels uit het fonds van een uitgever onder de aandacht van een steeds meer op nieuwigheden gericht publiek te houden. Maar er zijn ook andere manieren om zoiets aan te pakken. De reeks uitgaves met achtergronddossier over oude ‘Robbedoes’-verhalen is er daar één van. In 2012 beet ‘Bravo Brothers’ de spits af, nu is het de beurt aan ‘Boeven op de kermis’. Niet het beste verhaal dat Franquin ooit maakte met Robbedoes in de hoofdrol, al is ook hier – net als bij ‘Bravo Brothers’ – de gastrol van Guust Flater erg leuk. Wel het eerste waaraan Jidéhem meewerkte, de man die beter auto’s kon tekenen dan wie ook van zijn collega’s.

De lezer krijgt hier niet alleen de opnieuw ingekleurde (en gerestaureerde) versie van het verhaal, en een facsimile van de originele platen, José-Louis Bocquet en Serge Honorez maakten ook een uitgebreid achtergronddossier, dat dieper ingaat op de totstandkoming van deze strip, die sinds 1960 als tweede verhaal deel uitmaakt van het ‘Robbedoes’-album ‘Het nest van de marsipulami’s’. (TH)

Franquin & Jidéhem

‘Boeven op de kermis’, Dupuis, 88 blz, €23,95.

****

25 March 2014, 16:54 admin

Chimère(s):Scharlaken kant (Christophe Pelinq, Melanijn & Vincent)

Christophe Pelinq is de echte naam van Christophe Arleston , een man die vooral bekend is van ‘Lanfeust van Troy’ en –tig nevenreeksen. Voor vele mensen is dit al een reden om te stoppen met lezen, maar we kunnen jullie melden dat hij hier uit een totaal ander vaatje tapt. Centraal staan de belevenissen van de jonge schoonheid Chimère die gedwongen is om zich te prostitueren in het bordeel van madame Gisèle. Al gauw blijkt dat het meisje zonder al te veel problemen haar mannetje weet te staan. Tussendoor krijgen we ook nog een niet al te fraai beeld geschetst van het Suezkanaalavontuur van de Franse ingenieur De Lesseps. Tekenaar Vincent was de ideale keuze om dit scenario in mooie plaatjes om te zetten. In zijn ‘Albatros’ kregen we namelijk al een gelijkaardig verhaal voorgeschoteld. Een ‘chimère’ is een hybride monster met een leeuwenkop, een geitenlijf en een slangenstaart. Dat klinkt in ieder geval alsof Pelinq nog wel wat in petto heeft voor de vier volgende delen. (MS)

Christophe Pelinq, Melanÿn & Vincent
‘Chimère(s) : scharlaken kant’, Daedalus, 48 blz., €16,95.
***

25 March 2014, 16:35 admin
Sluit

Stripgids Nummer 4!

Over het slijk der aarde, de winnaar van de Bronzen Adhemar, strips uit Quebec en een dik katern over Ephameron en Grafixx.

En nummer 4 is nog dikker dan nummer 3. Vanaf eind oktober overal te verkrijgen.

Wil je het helemaal makkelijk maken? Neem dan een abonnement. Dan valt jouw exemplaar netjes in de bus en mis je geen enkel nummer.

Met een abonnement krijg je bovendien fijne verrassingen. Je leest het goed, verrassingen – meervoud.


Ontdek hier ons onweerstaanbare aanbod Naar de startpagina